Sociale fobie

Mensen die lijden aan een sociale fobie hebben ontzettend veel moeite als ze in gezelschap van anderen zijn. De angst kan zo heftig zijn dat dit zich ontwikkelt in een paniekaanval. Als dat zo is, dan komt er als het ware nog een angst laag bovenop de sociale fobie: de angst om een paniekaanval te krijgen. Hierdoor worden sociale situaties vaak vermijden. Het kan voorkomen dat je daardoor in sociaal isolement terecht komt en een eenzaam leven leidt.

Sociale fobie

Kenmerkend aan mensen met een sociale fobie is dat ze wel graag contact met anderen willen, maar dat het erg moeilijk is om dit contact tot stand te brengen. Vaak komt dat deels door de angst en deels door beperkte sociale vaardigheden.

Johan is 37 jaar. Hij is opgegroeid in het platteland waar zijn ouders een boerenbedrijf hebben. Het leren lukte hem goed, dus hij volgde het VWO in de stad. Zijn ouders hebben niet verder geleerd dan de lagere school en leven een terug getrokken bestaan.  Op de middelbare school wordt Johan gepest en heeft weinig echte vrienden. Gelukkig kan hij zijn energie goed in rugby kwijt, wat hij graag doen. Binnen de lijnen van het rugbyspel lukt het hem wél om duidelijk te communiceren en daarin heeft hij ook een bepaald aanzien.

Maar in het verdere sociale leven heeft hij grote moeite om contacten te leggen en onderhouden. Terwijl hij wel graag vriendschappen en een liefdesrelatie zou willen ontwikkelen. Op zijn 30e krijgt hij een relatie met een vrouw uit zijn straat die hij al zijn hele leven kent. Nog steeds heeft hij geen vrienden. Ze trouwen en krijgen een zoontje, waar Johan erg blij mee is.

Tegelijk met de geboorte van zijn zoontje dringt het besef van zijn sociale problemen pas echt door. Hij is ook bang deze angst aan zijn zoontje door te geven en wil er vanaf. Hij onderneemt sociaal meer, maar niet met het gewenst resultaat. In plaats daarvan ervaart hij meerdere paniekaanvallen. Als gevolg daarvan trekt hij zich meer terug. Zijn vrouw probeert hem te helpen, maar ze komen er samen niet uit. Daarom besluit hij hulp te zoeken.

De behandeling begint met het goed in kaart brengen waar de angst vandaan komt. Vervolgens wordt een stappenplan gemaakt van welke sociale situaties worden opgezocht. In eerste instantie gaat het niet zo zeer om het verminderen van de angst. Maar om te ervaren dat sociale interacties mogelijk zijn, ook al voel je angst. Het gaat er dan over jezelf te motiveren- met hulp van mij- om te doen wat je graag wilt. Ook al ervaar je daarbij in bepaalde mate angst. Hoe meer je bedreven je hierin raakt, hoe meer de angst op langere termijn ook zal afnemen.

Soms is het nodig om ook de sociale vaardigheden te verbeteren. Daarvoor zijn verschillende technieken beschikbaar. Bijvoorbeeld kan je het gewenst gedrag oefenen in een veilige situatie, zoals tijdens de therapie of met hulp van iemand die je goed kent. Daarna ga je hetgeen je hebt geoefend geleidelijk aan toepassen in de betreffende sociale situatie. Dit alles doe je stap voor stap en op basis van de planning die je met hulp van mij maakt.

Op deze manier verbeter je je sociale mogelijkheden, onderneem je meer en zullen de angsten als gevolg  daarvan ook afnemen.